Welkom
Have an account? Log in or

Ritsen verplicht (bis)

Ritsen verplicht (bis)

Geflitst? Boete berekenen?

Klik hier voor een handige boetecalculator.

 

Het heeft enige tijd geduurd, maar de kogel is eindelijk door de kerk: vanaf 1 maart wordt ritsen verplicht. Wie dan nog weigert voorrang te verlenen aan een invoegende bestuurder, begaat een overtreding van de eerste graad en betaalt daarvoor een boete van 55 EUR (en niet, zoals eerder gedacht werd, 110 EUR). 

Daarvoor wordt in de Wegcode een nieuw artikel 12bis ingevoegd, dat luidt:

“De bestuurders die, bij sterk vertraagd verkeer, rijden op een rijstrook die ophoudt of waarop het verder rijden wordt verhinderd, mogen slechts vlak voor de versmalling invoegen in de aangrenzende vrije rijstrook. De bestuurders die rijden op die vrije rijstrook moeten vlak voor de versmalling beurtelings voorrang verlenen aan één invoegende bestuurder; in geval het rijden in zowel de linker als in de rechter rijstrook wordt verhinderd, moet eerst voorrang worden verleend aan één bestuurder op de rechter rijstrook en daarna aan één bestuurder op de linker rijstrook.”

Het onderwerp kwam hier al vroeger aan bod en zoals verwacht, blinkt de wetswijziging vooral uit in onduidelijkheid. Het valt immers meteen op dat de nieuwe bepaling bol staat van de onduidelijke – en bijgevolg niet-afdwingbare – bepalingen:

  • Wanneer is er sprake van “sterk” vertraagd verkeer?
  • En waar ligt de grens met “beperkt” vertraagd verkeer?
  • Wanneer houdt een rijstrook precies op?
  • En wanneer wordt het verder rijden precies verhinderd?
  • Gaat het daarbij vooral om invoegstroken op de snelweg?
  • Of geldt deze bepaling ook wanneer een voertuig stilstaat op de rijbaan en het doorrijden belemmert?

Op al deze vragen biedt de wetswijziging alvast geen antwoord. Dat betekent dat het laatste woord daarover aan de rechtbanken wordt gelaten. Zij zullen er vanaf 1 maart dus ongetwijfeld heel wat werk bij krijgen.

Het grootste probleem situeert zich echter – het weze herhaald – op het vlak van het bewijs. In theorie is ritsen immers vooral van belang bij verkeersovertredingen en/of -ongevallen.

Gaat het om een overtreding zonder ongeval, dan volstaan de vaststellingen van de politieagenten. Zij zijn opgeleid om in hun p.v. te vermelden in welke omstandigheden de overtreding zich voordeed. Bovendien gelden hun vaststellingen tot bewijs van het tegendeel. Zij gaan dus voor op de verklaringen van de overtreder. Nochtans valt het niet uit te sluiten dat ook hier de begrippen ‘sterk vertraagd verkeer’ en ‘vlak voor de versmalling’ tot tal van discussie voor de politierechtbank zal leiden.

Leidt de overtreding daarentegen tot een ongeval, dan wordt de overtreding zelf meestal niet vastgesteld door een politieagent. De betrokken partijen worden dan verondersteld om samen een Europees aanrijdingsformulier in te vullen, waarop zij de omstandigheden van het ongeval vastleggen. Bovendien zijn de verklaringen van de partijen precies evenwaardig.

Welnu, wie ooit al een aanrijdingsformulier invulde, kan er van meespreken: doorgaans is dat beslist geen pretje. Men is net bekomen van een ongeval en moet de weg alweer zo snel mogelijk vrijmaken. Intussen raast het andere verkeer gewoon voorbij. In die omstandigheden moet men een contract afsluiten met een partij die men net aanreed.

Gelet op de bijzonder beperkte ruimte op het aanrijdingsformulier, is het geen wonder dat cruciale informatie vaak niet eens vermeld wordt. Laat staan dat er zich een getuige aanbiedt van het ongeval.

Het valt dan ook sterk te betwijfelen dat elk aanrijdingsformulier voortaan zal vermelden of er sprake was van “sterk vertraagd verkeer” en wiens beurt het precies was om voorrang te verlenen. Nog veel meer dan nu het geval is, zullen ongevallen dus aan de politierechter worden voorgelegd. Maar als het aanrijdingsformulier niet minutieus werd ingevuld, kan de rechter niets anders dan de eis om schadevergoeding afwijzen (art. 1315 B.W.). Naast de werklast van de rechtbank en de omvang van de verzekeringspremies, zal dus ook de onvrede van de automobilist opnieuw toenemen.

Intussen echter is ritsen verplicht.

Het heeft er dan ook alle schijn van weg dat de wetgever vooral oog heeft gehad voor een nieuwe overtreding en de bestraffing ervan en niet voor de burger die ze dagdagelijks in de praktijk moet toepassen.

De nieuwe bepaling omtrent ritsen zal dus alvast niet leiden tot minder zuur achter het stuur.

Meer weten? Neem vrijblijvend contact op!

Share

Comments are closed.